ECLI:NL:RBDHA:2026:930
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep asielaanvraag
Verzoekster had beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel. Na een eerdere uitspraak van de rechtbank Haarlem op 14 april 2025, waarin de minister werd opgedragen opnieuw te beslissen, nam de minister op 30 oktober 2025 alsnog een besluit. Hierop trok verzoekster haar beroep in en verzocht om vergoeding van haar proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat de minister tegemoet is gekomen aan het beroep door alsnog een besluit te nemen. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit Proceskosten bestuursrecht kan de rechtbank in dat geval het bestuursorgaan veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
Gezien het lichte gewicht van de zaak en het inschakelen van een professionele juridische hulpverlener, hanteert de rechtbank een wegingsfactor van 0,5 en kent een bedrag van €467 toe. Er zijn geen overige kosten gemaakt die vergoed kunnen worden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en in het openbaar bekendgemaakt op 19 januari 2026.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot vergoeding van €467 aan proceskosten aan verzoekster.