In deze zaak heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan over een beroep van eiser tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de minister van Asiel en Migratie op zijn asielaanvraag. Eiser had eerder al een procedure gevoerd waarin de rechtbank had bepaald dat de minister binnen zestien weken een besluit moest nemen. Indien de minister deze termijn overschreed, zou hij een dwangsom van € 100,- per dag moeten betalen, met een maximum van € 7.500,-. Eiser heeft nu een tweede beroep ingesteld omdat de minister niet tijdig heeft beslist op zijn asielaanvraag van 30 december 2023. De rechtbank heeft geoordeeld dat het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond is. De rechtbank legt de minister een nieuwe beslistermijn op van acht weken, te rekenen vanaf de bekendmaking van deze uitspraak. Daarnaast wordt de minister verplicht om een dwangsom van € 100,- per dag te betalen als hij deze termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-. Eiser heeft ook recht op vergoeding van proceskosten, vastgesteld op € 467,-.