ECLI:NL:RBDHA:2026:8247
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen verlenging overdrachtsbesluit wegens vertrek met onbekende bestemming
De rechtbank Den Haag beoordeelt het beroep van eiser tegen de verlenging van de overdrachtstermijn door de minister van Asiel en Migratie. De minister verlengde de overdrachtstermijn omdat eiser met onbekende bestemming (MOB) is vertrokken. De rechtbank besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk omdat eiser geen procesbelang meer heeft. Dit volgt uit het feit dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde. Er zijn geen concrete aanwijzingen dat eiser nog prijs stelt op bescherming in Nederland of dat hij zich na de MOB-melding heeft gemeld bij het COA.
De rechtbank benadrukt dat bij een MOB-melding voorzichtigheid geboden is met het niet-ontvankelijk verklaren van een beroep, vanwege het fundamentele recht op toegang tot de rechter. In dit geval is echter vastgesteld dat het belang ontbreekt. Het beroep wordt daarom niet inhoudelijk beoordeeld en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van de overdrachtstermijn wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang door vertrek met onbekende bestemming.