Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft op 27 november 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De rechtbank heeft op 14 februari 2025 het eerste beroep gegrond verklaard en de minister opgedragen binnen een termijn van acht weken een besluit te nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Ondanks deze uitspraak heeft verweerder geen besluit genomen en heeft eiseres op 16 oktober 2025 opnieuw beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit. De rechtbank verklaart dit tweede beroep ontvankelijk en gegrond, omdat de minister wederom niet heeft voldaan aan de gestelde beslistermijn.
De rechtbank wijst het verzoek om vrijstelling van griffierecht toe wegens betalingsonmacht. Vervolgens draagt zij de minister op binnen twee weken na de dag van bekendmaking van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van € 200 per dag opgelegd, met een maximum van € 15.000, vanwege de eerdere onvoldoende prikkel om tijdig te beslissen.
Tot slot veroordeelt de rechtbank de minister in de proceskosten van eiseres, vastgesteld op € 467, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak benadrukt het belang van tijdige besluitvorming in vreemdelingenzaken en handhaaft de sancties bij niet-naleving.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de minister op binnen twee weken alsnog een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom.