Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor verblijf bij een referent met een asielvergunning. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht definitief toegewezen.
De aanvraag is ingediend op 27 april 2024 en verweerder had uiterlijk op 26 oktober 2024 moeten beslissen. Omdat dit niet is gebeurd, en eiseres verweerder op 8 november 2024 rechtsgeldig in gebreke heeft gesteld, is het beroep tijdig ingesteld en kennelijk gegrond verklaard.
De rechtbank stelt dat dit een bijzonder geval is en legt op grond van artikel 8:55d Awb een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met een mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd.
Verweerder is veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442 en tot vergoeding van proceskosten van €453,50 aan eiseres. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit vernietigd, en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen met oplegging van dwangsommen en proceskostenveroordeling.