ECLI:NL:RBDHA:2026:718
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Wraking van de kantonrechter in een civiele procedure na einduitspraak
Op 19 januari 2026 heeft de meervoudige wrakingskamer van de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een wrakingsverzoek van een verzoeker tegen mr. D. Jongsma, de kantonrechter in een civiele procedure. Het wrakingsverzoek was ingediend op 18 december 2025 en aangevuld op 19 december 2025. De wrakingskamer heeft vastgesteld dat de einduitspraak in de hoofdzaak op 16 december 2025 was gedaan, waardoor het wrakingsverzoek niet tijdig was ingediend. Volgens artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter gewraakt worden op basis van feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de rechter in gevaar kunnen brengen. Echter, de wet staat geen wraking toe nadat er een einduitspraak is gedaan. De wrakingskamer heeft daarom de verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek. De beslissing is openbaar uitgesproken en er staat geen rechtsmiddel open tegen deze uitspraak.