ECLI:NL:RBDHA:2026:6744
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens onredelijk late indiening tegen niet tijdig UWV-besluit
Eiseres heeft op 15 mei 2023 een verzoek ingediend bij het UWV om de mate van arbeidsongeschiktheid van een ex-werkneemster te herbeoordelen. Het UWV ontving dit verzoek op 16 mei 2023, maar nam binnen de wettelijke termijn geen besluit. Eiseres stuurde daarop op 30 november 2023 een ingebrekestelling, waarna het UWV op 22 februari 2024 een dwangsombeschikking ontving.
Pas op 6 januari 2026 stelde eiseres beroep in tegen het niet tijdig beslissen, ruim twee jaar na het verstrijken van de beslistermijn. De rechtbank oordeelt dat dit beroep onredelijk laat is ingediend, omdat het beroepschrift meer dan een jaar na het moment waarop het bestuursorgaan in gebreke was, werd ingediend. Telefonische contactmomenten in oktober en november 2025 boden geen uitzicht op besluitvorming.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk en beoordeelt zij het beroep niet inhoudelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.J. van der Ven op 20 maart 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen door het UWV is niet-ontvankelijk verklaard wegens onredelijk late indiening.