In deze bestuursrechtelijke procedure heeft eiser een tweede beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 13 december 2024. Eerder had de rechtbank een beslistermijn van zestien weken aan de minister opgelegd, die op 29 januari 2026 verliep. Het tweede beroep werd echter al op 14 januari 2026 ingediend, waardoor het prematuur was.
De rechtbank overweegt dat bij een tweede beroep tegen hetzelfde niet tijdig beslissen geen nieuwe ingebrekestelling vereist is, maar dat het beroep niet eerder kan worden ingediend dan na het verstrijken van de beslistermijn. Omdat het beroep te vroeg is ingediend, verklaart de rechtbank het niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.