ECLI:NL:RBDHA:2026:6593
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling stelling asielaanvraag wegens vertrek met onbekende bestemming
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister om zijn asielaanvraag buiten behandeling te stellen en een terugkeerbesluit met inreisverbod op te leggen. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser sinds oktober 2024 met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde.
De rechtbank overweegt dat het vertrek met onbekende bestemming impliceert dat eiser zijn asielverzoek heeft ingetrokken en daardoor geen belang meer heeft bij een inhoudelijke behandeling van het beroep. Ambtshalve is beoordeeld dat er geen aanwijzingen zijn dat eiser bij terugkeer een reëel risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro.
Voor zover het beroep ziet op het verbeuren van een dwangsom wegens niet tijdig beslissen, oordeelt de rechtbank dat de minister niet aansprakelijk is omdat eiser zich niet heeft gehouden aan de samenwerkingsverplichting. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard voor de buitenbehandelingstelling en ongegrond voor het dwangsomgeschil.
Uitkomst: Het beroep tegen de buitenbehandelingstelling en het terugkeerbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.