Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
In deze zaak heeft de Rechtbank Den Haag op 13 januari 2026 uitspraak gedaan in een vervolgberoep van eiser tegen de maatregel van bewaring die op 18 september 2025 door de minister van Asiel en Migratie was opgelegd. Eiser, geboren in 1994 en van Algerijnse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel, waarbij hij ook om schadevergoeding heeft verzocht. De rechtbank heeft het onderzoek op 9 januari 2026 gesloten zonder zitting, na het indienen van een verweerschrift door de verweerder en een voortgangsrapportage van de minister.
De rechtbank overweegt dat er in het algemeen zicht is op uitzetting naar Algerije, ondanks de stelling van eiser dat hij geen documenten heeft en dat de Algerijnse autoriteiten niet zullen meewerken aan zijn uitzetting. De rechtbank wijst erop dat de Algerijnse autoriteiten in het verleden wel degelijk laissez-passer hebben verstrekt aan ongedocumenteerde vreemdelingen. Eiser heeft echter geen inspanningen verricht om zijn vertrek mogelijk te maken, wat zijn situatie bemoeilijkt. De rechtbank concludeert dat de gronden voor de maatregel van bewaring nog steeds aanwezig zijn en dat het beroep ongegrond is. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen, en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel van bewaring getoetst en komt tot de conclusie dat deze rechtmatig is.