Uitspraak
Beschikking op het op 29 april 2025 ingekomen verzoekschrift van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
Procedure
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- het verweerschrift, met bijlagen, ingekomen op 13 juni 2025;
- het bericht van 26 juni 2025 van de zijde van de vader, met bijlage;
- het bericht van 18 december 2025 van de zijde van de vader, met bijlagen;
- het bericht van 29 december 2025 van de zijde van de moeder, met bijlagen;
- het bericht van 9 januari 2026 van de zijde van de moeder.
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad).
.
Feiten
- De vader en de moeder zijn gehuwd geweest van [datum 1] 2014 tot [datum 2] 2024.
- Zij zijn de ouders van het volgende nu nog minderjarige kind: [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2017 in [geboorteplaats] .
- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] uit.
- [minderjarige] heeft de hoofdverblijfplaats bij de moeder.
- Bij beschikking van 29 mei 2024 van deze rechtbank – voor zover hier relevant – is de echtscheiding uitgesproken en zijn het ouderschapsplan en het echtscheidingsconvenant in de beschikking opgenomen.
- In het op 18 april 2024 ondertekende ouderschapsplan – voor zover hier relevant – zijn de ouders het volgende overeengekomen:
Verzoek en verweer
- te bepalen dat [minderjarige] in de even weken bij de vader verblijft en in de oneven weken bij de moeder, met het wisselmoment op maandag om 9.00 uur, althans een zorgregeling te bepalen die de rechtbank in goede justitie juist en redelijk acht;
- een regeling te bepalen voor de vakantie-, feest- en bijzondere dagen conform het voorstel van de vader in productie 6 van het verzoekschrift, waarbij de vakanties steeds aanvangen op vrijdag om 17.00 uur en eindigen op zondag om 17.00 uur, althans een regeling te bepalen die de rechtbank in goede justitie juist en redelijk acht;
- een bedrag aan kinderalimentatie te bepalen van € 321,- per maand door de vader aan de moeder bij vooruitbetaling voor de eerste van de maand te voldoen, althans een bedrag aan kinderalimentatie dat de rechtbank in goede justitie juist en redelijk acht;
- voorwaardelijk, indien de rechtbank vooralsnog geen reden ziet om de zorgregeling aan te passen, een bijzondere curator te benoemen om een passende zorgregeling te onderzoeken.
Beoordeling
- wat speelt er bij [minderjarige] in het kader van de zorgregeling, en – voor zover dat mogelijk is – kan de bijzonder curator aangeven welke zorgregeling het meest in het belang van [minderjarige] is?
- acht de bijzondere curator hulpverlening voor [minderjarige] in zijn belang? Zo ja, welke hulpverlening?
uiterlijk vóór 13 februari 2026, naar de bijzondere curator te sturen (naar het in het dictum van deze beschikking opgenomen e-mailadres), zodat de bijzondere curator hen kan uitnodigen voor een eerste gesprek.
voorlopigzorgregeling vastleggen. De rechtbank zal iedere verdere beslissing over de zorgregeling
pro forma aanhouden tot 1 augustus 2026.
- welke zorgregeling is volgens de Raad het meest in het belang van [minderjarige] ?
- is (nadere) hulpverlening voor de ouders en/of [minderjarige] noodzakelijk? Zo ja, welke hulpverlening wordt geadviseerd?
- de datum waarop de omstandigheden intreden die voor de onderhoudsverplichting bepalend zijn;
- de datum van indiening van het verzoekschrift;
- de datum van de beschikking.
- de pensioenpremie van € 235,- per maand;
- een aanvullende pensioenpremie / WIA van € 4,- per maand;
- een netto werknemerspremie van € 17,- per jaar.
- de algemene heffingskorting;
- de arbeidskorting;
- de inkomensafhankelijke combinatiekorting.
117 / 897 x 673 = € 88,-
Beslissing
voorlopigbij de vader zal zijn: om de week van donderdag uit school tot dinsdag naar school;
vóór 13 februari 2026, hun contactgegevens aan de bijzondere curator moeten doorgeven via de e-mail;
15 juli 2026schriftelijk verslag met advies moet hebben uitgebracht aan de rechtbank, met gelijktijdige kopie aan (de advocaten van) de ouders;
binnen twee wekenna ontvangst van het verslag van de bijzondere curator hierop schriftelijk kunnen reageren; deze reactie moet aan de rechtbank, aan de bijzondere curator en aan de andere ouder worden toegezonden;
- Kenniscentrum Kind en Scheiding, Albertus de Oudelaan 1, 2273 CW Voorburg;
- de Raad;
ten aanzien van de reguliere zorgregelingaan tot
1 augustus 2026 pro forma.