ECLI:NL:RBDHA:2026:4231
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak ontuchtshandelingen wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs
De rechtbank Den Haag behandelde een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van ontuchtshandelingen met twee patiënten in de gezondheidszorg op verschillende data tussen 2022 en 2023. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf en een beroepsverbod, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte vanwege gebrek aan betrouwbaar bewijs.
Tijdens de zittingen werd vastgesteld dat de verklaringen van de aangeefsters onvoldoende werden ondersteund door steunbewijs. Getuigenverklaringen over gedragsveranderingen en emotionele toestanden van de aangeefsters waren niet concreet of consistent genoeg om de beschuldigingen te bevestigen. Ook het gebruik van schakelbewijs werd door de rechtbank afgewezen omdat de overeenkomsten tussen de zaken te algemeen waren.
De rechtbank oordeelde dat het wettig en overtuigend bewijs ontbrak om de tenlastegelegde feiten te bewijzen en sprak verdachte vrij. Daarnaast werd de vordering tot schadevergoeding van een benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard vanwege de vrijspraak. De benadeelde partij werd veroordeeld in de kosten die verdachte tot dan toe had gemaakt, welke nihil werden begroot.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs.