ECLI:NL:RBDHA:2026:4131
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 20 november 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had de maatregel eerder getoetst en verklaarde deze rechtmatig tot het sluiten van het onderzoek op 27 januari 2026.
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank of de maatregel sinds dat moment nog rechtmatig is. Eiser stelde dat de minister de schriftelijke rappels aan de Marokkaanse autoriteiten had moeten toevoegen aan het dossier en dat de maximale bewaringstermijn was overschreden vanwege eerdere bewaring in 2017. De rechtbank oordeelt dat de minister voldoende op het individu gericht heeft gehandeld door schriftelijke rappels te versturen en dat het beroep op het arrest Multan niet relevant is.
Verder stelt de rechtbank vast dat de maximale bewaringstermijn nog niet is overschreden, ondanks eerdere bewaring in 2017, omdat het Hof van Justitie nog geen arrest heeft gewezen en de huidige bewaringstermijn nog binnen de toegestane periode valt. De ambtshalve toetsing levert geen andere conclusie op. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.