Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], V-nummer: [nummer], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
.Partijen hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Tunesische nationaliteit, diende op 4 september 2024 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder stelde deze aanvraag buiten behandeling op 29 september 2025 omdat eiser niet was verschenen bij het nader gehoor op 12 september 2025 en geen verschoonbare reden had gegeven.
Eiser voerde aan dat hij niet voor een tweede keer was uitgenodigd en dat hij ziek was, maar kon dit niet met medische stukken onderbouwen. De rechtbank oordeelde dat verweerder niet verplicht was tot een tweede uitnodiging en dat eiser niet had aangetoond dat zijn afwezigheid niet aan hem was toe te rekenen.
De rechtbank vond het besluit niet in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur, zorgvuldigheid, motivering of evenredigheid. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bleef in stand.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het besluit om de asielaanvraag buiten behandeling te stellen wegens niet verschijnen zonder verschoonbare reden.