ECLI:NL:RBDHA:2026:2087
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na vertrek vreemdeling met onbekende bestemming
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De vreemdeling was vertrokken uit de opvanglocatie zonder zijn verblijfplaats bekend te maken en had geen contact meer met zijn gemachtigde.
Op basis van vaste rechtspraak, waaronder een richtinggevende uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 1 juli 2024, wordt aangenomen dat een vreemdeling die met onbekende bestemming vertrekt en geen contact onderhoudt, geen prijs meer stelt op de aanvankelijk gezochte bescherming. Hierdoor ontbreekt het aan procesbelang.
De rechtbank ontving een screenshot waaruit bleek dat de vreemdeling op 9 september 2025 vertrok en de gemachtigde bevestigde het contact te hebben verloren. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelde de zaak niet inhoudelijk. De vreemdeling kreeg geen proceskostenvergoeding.
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen een week na verzending van het vonnis.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na vertrek met onbekende bestemming en contactverlies.