Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. H. Toonders).
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De minister van Asiel en Migratie legde op 14 januari 2026 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 op. Eiser stelde hiertegen beroep in, dat tevens diende als verzoek om schadevergoeding. De rechtbank behandelde de zaak schriftelijk en sloot het onderzoek op 26 januari 2026.
De rechtbank overwoog dat op basis van vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het belang van de openbare orde een rechtsvermoeden schept dat bewaring gerechtvaardigd is indien de noodzakelijke documenten voor terugkeer aanwezig zijn of spoedig beschikbaar komen. De minister gaf aan dat eiser op 27 januari 2026 naar Italië zou terugkeren.
De rechtbank constateerde dat de maatregel van bewaring tot het moment van sluiting van het onderzoek niet onrechtmatig was en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens wees zij het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.