ECLI:NL:RBDHA:2026:18879
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot oplegging dwangakkoord wegens redelijke weigering schuldeisers
De schuldenaar bevindt zich in een problematische schuldensituatie met een totale schuld van €172.305,87 verdeeld over zes schuldeisers. Hij heeft een schuldregeling voorgesteld waarbij 8,128% van de vorderingen wordt betaald en de rest wordt kwijtgescholden, gebaseerd op zijn afloscapaciteit. Twee schuldeisers, QLS en Qredits, die samen bijna 75% van de totale schuld vertegenwoordigen, hebben het voorstel geweigerd.
De schuldenaar verzocht de rechtbank om een dwangakkoord op te leggen zodat deze schuldeisers gedwongen worden mee te werken. De rechtbank oordeelt dat de schuldbemiddeling door een bevoegde instantie, de gemeente, is uitgevoerd en het voorstel goed is gedocumenteerd. Echter, bij de belangenafweging weegt het belang van de grote schuldeisers zwaarder dan dat van de schuldenaar.
QLS verwijt de schuldenaar onbetrouwbaarheid en het verstrekken van valse informatie, terwijl Qredits wijst op de borgstelling die niet kan worden aangesproken. De rechtbank concludeert dat de weigering van QLS en Qredits niet onredelijk is en wijst het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord af. Het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt in een apart vonnis behandeld.
Uitkomst: Verzoek tot oplegging dwangakkoord wordt afgewezen omdat weigering van schuldeisers niet onredelijk is.