Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1], eiseres,
[naam 2], eiseres,
[naam 3], eiseres,
[naam 4], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Heeft de minister ten onrechte geoordeeld dat [naam 1], [naam 3] en [naam 4] niet onder het jongvolwassenenbeleid vallen?
restrictief toelatingsbeleid. Hieronder is opgenomen dat Nederland een restrictief toelatingsbeleid heeft en dat dit zwaar in het nadeel van eisers weegt. Vervolgens is onder dit kopje overwogen dat de wetgever heeft besloten welke gezinsleden onder het nareisbeleid vallen en dat eisers hier niet onder vallen. Verder is overwogen dat de belangen van de Nederlandse overheid worden beschermd door een restrictief toelatingsbeleid.
economische belangenheeft de minister opgenomen dat de economische belangen van Nederland groot zijn en dat dit zwaar in het nadeel van eisers weegt. De minister overweegt onder dit kopje dat het economisch belang niet alleen gaat over het al dan niet hebben van eigen inkomen, maar ook over de bescherming van de arbeidsmarkt en over door de overheid betaalde voorzieningen zoals onderwijs, gezondheidszorg en infrastructuur. De minister overweegt in dit kader - kort gezegd - dat referent onvoldoende middelen van bestaan heeft. Verder overweegt de minister dat eisers – kort gezegd – gebruik zullen maken van meerdere publieke voorzieningen, zoals huisvesting, medische voorzieningen en gezondheidszorg en dat zij een beroep zullen doen op door algemene middelen gefinancierde faciliteiten zoals een uitkering, toeslagen en gezondheidszorg.
Conclusieheeft de minister opgenomen dat de algemene belangen van de overheid zwaarder wegen dan het persoonlijk belang van eisers en referent. Hierbij heeft de minister in het bijzonder gewezen op het feit dat er sprake is van gezinsleven maar dat de aard en intensiteit van het gezinsleven niet dusdanig is dat dit in Nederland uitgeoefend moet worden en dat het economisch belang nog altijd in het nadeel van eiser meeweegt.
Conclusieen dat uit de conclusie volgt dat enkel het economisch belang hier in het nadeel van eisers is gewogen, acht de rechtbank daartoe onvoldoende. Uit het bestreden besluit blijkt immers dat onder het restrictief toelatingsbeleid is opgenomen dat dit eveneens zwaar in het nadeel van eisers wordt gewogen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt de minister op binnen zes weken een nieuw besluit op het bezwaar van eisers te nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- veroordeelt de minister tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan eisers.