Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiserV-nummer: [V-nummer]
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
‘Crossing Double Borders’ [7] , waardoor verweerder er niet c.q. niet zonder meer van kan uitgaan dat Polen aan zijn internationale verplichtingen zal voldoen. Ook stelt eiser zich op het standpunt dat door verweerder geen zorgvuldig onderzoek heeft plaatsgevonden, omdat eiser niet is gehoord over zijn mogelijke bezwaren tegen een overdracht aan Polen.
De rechtbank oordeelt als volgt.
’Crossing Double Borders’zowel in het bestreden besluit als ter zitting onvoldoende gemotiveerd weerlegd. De rechtbank volgt verweerder niet in zijn standpunt dat in dit rapport slechts kanttekeningen worden geplaatst bij de wijze waarop Polen omgaat met de asielaanvragen van LHBTIQ+-vluchtelingen. Zo blijkt uit het door eiser aangehaalde rapport onder meer dat LHBTIQ+-vluchtelingen discriminatie en structurele hindernissen ervaren ten aanzien van het verkrijgen van bescherming binnen en asielsysteem [14] , dat deze gemeenschap te maken krijgt met aanzienlijke juridische obstakels in hun asielprocedure en dat zij in vluchtelingenopvangcentra vaak slachtoffer zijn van pesterijen, isolement en het risico op queerfobisch geweld van andere gedwongen migranten, evenals onvoldoende toegang tot psychosociale en juridische hulp. Dit zorgt volgens het rapport voor een significant verhoogd risico op onrechtmatige afwijzing van de asielaanvragen en refoulement. Dat volgens verweerder geen sprake is van stelselmatigheid aan de zijde van de Poolse autoriteiten is zowel in het bestreden besluit als ter zitting onvoldoende gemotiveerd.
‘Crossing Double Borders’,gemotiveerd aannemelijk moeten maken dat hij nog altijd in het geval van eiser kan uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Polen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- veroordeelt verweerder tot betaling van €1.814,- aan proceskosten aan eiser.
www.rechtspraak.nl.