ECLI:NL:RBDHA:2026:17328
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroepen wegens vertrek vreemdeling met onbekende bestemming
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel en tegen de verlenging van de overdrachtstermijn. De minister van Asiel en Migratie had de aanvraag niet in behandeling genomen omdat Letland verantwoordelijk is voor de aanvraag. Tijdens de procedure meldde de minister dat eiser met onbekende bestemming was vertrokken en de gemachtigde gaf aan geen contact meer te hebben met eiser.
De rechtbank overweegt dat het recht op toegang tot de rechter en effectieve rechtsbescherming belangrijk zijn, maar dat het ontbreken van contact tussen eiser en zijn gemachtigde na de vertrekmelding betekent dat eiser geen procesbelang meer heeft bij de beroepen. De rechtbank beoordeelt ook of bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die een inhoudelijke beoordeling rechtvaardigen, maar concludeert dat dit niet het geval is.
Daarom verklaart de rechtbank de beroepen niet-ontvankelijk en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter Baldinger en griffier Van der Hoek.
Uitkomst: De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang door vertrek met onbekende bestemming en geen contact meer met gemachtigde.