Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiserV-nummer: [V-nummer]
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Gambiaanse vreemdeling, is op 19 maart 2026 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het beroep getoetst aan de rechtmatigheid en proportionaliteit van de bewaring sinds 7 mei 2026, het moment van de eerdere toetsing.
Eiser voerde aan dat verweerder onvoldoende een inhoudelijke belangenafweging had gemaakt, mede gelet op zijn medische situatie met aanhoudende buikklachten en ziekenhuisbezoeken. Verweerder stelde dat er een continue belangenafweging plaatsvindt en dat eiser niet meewerkt aan zijn vertrek, waardoor het risico op onttrekking blijft bestaan. De rechtbank concludeerde dat eiser adequaat medische zorg ontvangt en dat er geen feiten zijn die het voortduren van de bewaring onrechtmatig maken.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.