Eiser heeft op 3 oktober 2025 een verzoek ingediend bij het UWV voor een herbeoordeling van zijn recht op een WIA-uitkering. De rechtbank ontving het beroepschrift op 10 maart 2026 wegens het uitblijven van een besluit. Het UWV erkent de overschrijding van de beslistermijn, veroorzaakt door een tekort aan verzekeringsartsen.
De rechtbank oordeelt dat het uitblijven van een beslissing waarbij een medisch advies van een verzekeringsarts nodig is, een bijzonder geval vormt. Daarom geldt een termijn van negen weken na verzending van de uitspraak waarbinnen het UWV de medische beoordeling moet verrichten en een besluit moet nemen. De rechtbank wijst het verzoek van het UWV af om een langere termijn van 30 weken toe te passen.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €15.000 voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt. Tevens wordt het betaalde griffierecht van €54 aan eiser vergoed. Het UWV wordt opgedragen binnen negen weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen.