ECLI:NL:RBDHA:2026:15542
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen maatregel bewaring vreemdeling wegens risico op onttrekking toezicht
De minister van Asiel en Migratie heeft op 23 mei 2026 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser, die de Poolse nationaliteit heeft, betwistte deze maatregel en stelde beroep in, dat tevens als verzoek om schadevergoeding werd aangemerkt.
De rechtbank stelt vast dat eiser Nederland ongecontroleerd en zonder rechtmatig verblijf is binnengekomen, waardoor hij zich aan het toezicht heeft onttrokken. Daarnaast heeft eiser zijn onrechtmatige verblijf niet beëindigd ondanks eerdere kennisgevingen. Deze zware gronden zijn feitelijk juist en voldoende toegelicht, en kunnen de maatregel van bewaring zelfstandig dragen.
De rechtbank ziet geen aanwijzingen dat de maatregel onrechtmatig is opgelegd en wijst het beroep ongegrond. Ook het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.