ECLI:NL:RBDHA:2026:1453
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis asiel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van de minister op zijn aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf voor gezinshereniging nareis asiel. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin de minister was opgedragen binnen acht weken te beslissen. Omdat de minister deze termijn niet heeft nageleefd en geen verweerschrift heeft ingediend, is het beroep ontvankelijk en gegrond verklaard.
De rechtbank legt de minister een nieuwe beslistermijn van twee weken op na verzending van deze uitspraak. Tevens wordt een dwangsom van € 250,- per dag opgelegd voor elke dag dat de minister de termijn overschrijdt, met een maximum van € 37.500,-. Daarnaast moet de minister de proceskosten van eiser vergoeden, inclusief het griffierecht.
De uitspraak benadrukt het belang van tijdige besluitvorming door bestuursorganen en bevestigt dat in geval van overschrijding van termijnen de rechter kan ingrijpen met dwangsommen en kostenveroordelingen. Eiser krijgt hiermee zijn gelijk en de minister wordt verplicht alsnog binnen de gestelde termijn te beslissen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt de minister op binnen twee weken te beslissen met een dwangsom bij overschrijding.