ECLI:NL:RBDHA:2026:1370

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
28 januari 2026
Publicatiedatum
28 januari 2026
Zaaknummer
NL25.52546
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijk verklaring van tweede beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag

Eiser diende op 25 juni 2025 een eerste beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 24 maart 2024. De rechtbank verklaarde dit beroep gegrond en gaf de minister de opdracht uiterlijk 18 februari 2026 een besluit te nemen.

Op 28 oktober 2025 diende eiser een tweede beroep in tegen hetzelfde niet tijdig beslissen. De rechtbank beoordeelde ambtshalve of er procesbelang bestond voor dit tweede beroep.

De rechtbank oordeelde dat het procesbelang ontbrak omdat het eerste beroep nog liep en de rechtbank niet twee keer kan beslissen over hetzelfde onderwerp. Daarom werd het tweede beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het tweede beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.52546

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. V.L. van Wieringen
)
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat de minister
niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van 24 maart 2024.
1.1
De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. [1]

Beoordeling door de rechtbank

Is het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond?
2. Eiser heeft op 25 juni 2025 het eerste beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag ingediend. [2] Op 10 november 2025 heeft deze rechtbank en zittingsplaats uitspraak het beroep van eiser gegrond verklaard en daarbij de minister opgedragen om uiterlijk 18 februari 2026 een besluit op de aanvraag bekend te maken. Op 28 oktober 2025 heeft eiser nogmaals een beroep tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde asielaanvraag ingediend. [3] Deze uitspraak gaat over het beroep van 28 oktober 2025.
3. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eiser procesbelang heeft bij
een beoordeling van haar tweede beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang. Ten tijde van het instellen van dit beroep liep er immers nog een eerste beroep wegens het niet tijdig beslissen op de aanvraag 24 maart 2024. Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep gericht tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit dat hetzelfde doel dient heeft eiser geen belang met haar tweede beroep.

Conclusie en gevolgen

4. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen-Telman rechter, in aanwezigheid van A.W. Landman, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.NL25.30723.
3.NL25.52467.