Eiser, een Ethiopische nationaliteit behorende tot de Erob bevolkingsgroep uit Tigray, diende op 28 februari 2024 een asielaanvraag in. Verweerder wees deze af wegens twijfel aan de identiteit en leeftijd van eiser, waarbij werd uitgegaan van een in Italië opgegeven geboortedatum in 2001, terwijl eiser stelde in 2007 geboren te zijn. De rechtbank oordeelt dat verweerder onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd heeft gehandeld door niet uit te gaan van de door eiser opgegeven leeftijd en door de thans geldende werkinstructie niet toe te passen.
Daarnaast stelde verweerder dat de veiligheidssituatie in Tigray is verbeterd na het vredesakkoord van november 2022 en dat er geen reëel risico op vervolging of gedwongen rekrutering bestaat. De rechtbank volgt dit oordeel, mede gelet op recente landeninformatie en het ontbreken van concrete aanwijzingen dat eiser opnieuw gevaar loopt.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Awb. Desondanks bepaalt de rechtbank dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven, omdat eiser inmiddels meerderjarig is en geen nadeel heeft ondervonden. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.