Uitspraak
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, alimentatie
Beschikking op het op 22 mei 2025 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
[de vader] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Verzoek en verweer
Feiten
- Partijen hebben een affectieve relatie gehad.
- Zij zijn de ouders van de volgende nog minderjarige kinderen:
- Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de minderjarigen uit.
- De kinderen staan ingeschreven op het adres van de moeder.
Beoordeling
€ 12.000,-, inclusief vakantiegeld, bedroeg, zodat de rechtbank dit zal volgen. Op basis van dat loon en rekening houdend met de in de aangehechte berekening opgenomen fiscale heffingskortingen, berekent de rechtbank haar NBI op het moment van de samenleving op € 949,- per maand.
+€ 5.395,-). Op basis van dit NBGI hadden partijen geen recht op een kindgebonden budget. Op basis van de tabel eigen aandeel kosten van kinderen 2021 en zes kinderbijslagpunten leidt het voorgaande tot een behoefte van € 1.375,- per maand voor [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] . Geïndexeerd naar 2026 bedraagt deze behoefte € 1.714,- per maand.
€ 274,-
€ 163,- per kind per maand (in totaal € 326,- per maand) bepalen. De rechtbank zal het verzoek van de moeder tot dit bedrag toewijzen en voor het overige afwijzen.
Beslissing
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 1] 2013 te [geboorteplaats 1] en
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2017 te [geboorteplaats 2] ;
- in week 1: bij de vader van maandag tot woensdag 18.30 uur en bij de moeder van woensdag 18.30 uur tot maandag naar school (in de daaropvolgende week);
- in week 2: bij de vader van maandag uit school tot woensdag 18.30 uur, bij de moeder van woensdag 18.30 uur tot zaterdag 10.00 uur, en bij de vader van zaterdag 10.00 uur tot woensdag 18.30 uur (in de daaropvolgende week);