Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van 14 augustus 2025 waarin werd bepaald dat zij na 4 maart 2024 geen recht meer heeft op tijdelijke bescherming en binnen vier weken moet terugkeren naar haar land van herkomst. Dit besluit is een vervangend terugkeerbesluit.
De rechtbank constateert dat eiseres reeds op 1 april 2024 beroep had ingesteld tegen een eerder terugkeerbesluit van 21 februari 2024. Op grond van artikel 6:19, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft dat eerdere beroep ook betrekking op het vervangend besluit van 14 augustus 2025. De rechtbank heeft op 29 april 2026 uitspraak gedaan in dat eerdere beroep en dit ongegrond verklaard.
Omdat eiseres nu opnieuw beroep heeft ingesteld tegen hetzelfde vervangend terugkeerbesluit, verklaart de rechtbank dit tweede beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Tevens wordt verweerder niet opnieuw veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter W.H. Bel en griffier J. de Winter op 4 mei 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen het vervangend terugkeerbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat reeds eerder beroep tegen hetzelfde besluit is behandeld.