Eiseres, ontvanger van een WIA-uitkering, verzocht op 22 mei 2025 om herbeoordeling van haar recht op deze uitkering. Het UWV heeft niet binnen de wettelijke termijn van negen weken beslist, waardoor eiseres beroep instelde bij de rechtbank Den Haag.
De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat het beroep gegrond is. De overschrijding wordt mede veroorzaakt door een structureel tekort aan verzekeringsartsen, wat als een bijzonder geval wordt aangemerkt. De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken waarin een termijn van negen weken wordt gehanteerd voor het nemen van een besluit na medische beoordeling.
De rechtbank draagt het UWV op om binnen negen weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag vertraging, met een maximum van €15.000. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiseres.