In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiseres een tweede beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 31 januari 2025. De rechtbank had in een eerdere uitspraak een beslistermijn van zestien weken opgelegd aan de minister van Asiel en Migratie, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, tot een maximum van €15.000.
De minister heeft niet binnen deze termijn een besluit genomen, waardoor het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond is verklaard. De rechtbank legt een nieuwe beslistermijn van zestien weken op, rekening houdend met het '8+8 wekenmodel' zoals vastgesteld door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De nieuwe dwangsom vangt aan nadat de eerdere dwangsom volledig is volgelopen, namelijk vanaf 18 augustus 2026.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten van eiseres, vastgesteld op €233,50, met een wegingsfactor van 0,25 vanwege de beperkte omvang van werkzaamheden bij een opvolgend beroep. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.