Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser, V-nummer: [V-nummer 1] , en
[kind]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om hun asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Roemenië daarvoor verantwoordelijk zou zijn. De rechtbank heeft het beroep buiten zitting behandeld op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank heeft eerst beoordeeld of er sprake is van procesbelang. Verweerder heeft meegedeeld dat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken en de gemachtigde van eisers heeft bevestigd geen contact meer te hebben met eisers. Hierdoor is volgens vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geen procesbelang meer aanwezig.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 23 april 2026 door rechter W.H. Bel en griffier A.S. Hamans en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken.