ECLI:NL:RBDHA:2025:9390
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift WOZ-waarde woning
De zaak betreft een geschil over de ontvankelijkheid van een bezwaarschrift tegen de vastgestelde WOZ-waarde van een woning, vastgesteld op €948.000 voor het belastingjaar 2023. Verweerder stelde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn.
Eiser maakte bezwaar tegen de beschikking van 24 februari 2023, waarbij de waarde van de woning werd vastgesteld. Het bezwaarschrift was gedagtekend op 6 april 2023, binnen de termijn, maar werd pas op 5 mei 2023 ontvangen door verweerder, wat drie weken te laat was. Eiser heeft niet voldoende gemotiveerd betwist wanneer hij de beschikking heeft ontvangen, waardoor de bezwaartermijn niet kon worden verlengd.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk is verklaard en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens wees de rechtbank het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn af, omdat de redelijke termijn van twee jaar niet was overschreden.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en het beroep is ongegrond.