Uitspraak
1.De procedure
- de akte van [gedaagde] met productie 6;
Rechtbank Den Haag
Groenfonds heeft een pandrecht gevestigd op de vordering van Umincorp Polymers op [gedaagde] en vordert betaling van een factuur van € 9.396,62 plus rente en kosten. Groenfonds stelt dat zij het pandrecht via brief en e-mail aan [gedaagde] heeft medegedeeld, waardoor zij inningsbevoegd is. [gedaagde] betwist de ontvangst van deze mededeling en stelt dat zij de factuur reeds bevrijdend aan Umincorp Polymers heeft betaald.
De rechtbank oordeelt dat het pandrecht rechtsgeldig is gevestigd, maar dat de mededeling van het pandrecht vormvrij moet zijn en Groenfonds moet bewijzen dat deze mededeling [gedaagde] heeft bereikt. De brief is weliswaar verzonden naar een geschikt adres, maar Groenfonds kan niet bewijzen dat deze tijdig is ontvangen. De e-mail is verzonden naar een adres dat niet redelijkerwijs als contactadres voor [gedaagde] kon worden aangenomen.
Daarmee is niet komen vast te staan dat de mededeling [gedaagde] heeft bereikt voordat zij de betaling deed. Hierdoor was Groenfonds niet inningsbevoegd en was de betaling aan Umincorp Polymers bevrijdend. De vordering wordt afgewezen en Groenfonds wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Groenfonds wordt afgewezen omdat de mededeling van het pandrecht niet tijdig is ontvangen en de betaling aan Umincorp Polymers bevrijdend was.