ECLI:NL:RBDHA:2025:8057
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 24 maart 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had de maatregel reeds eerder beoordeeld en verklaard rechtmatig tot het sluiten van het onderzoek op 7 april 2025.
In deze uitspraak toetst de rechtbank uitsluitend de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel na 7 april 2025. Eiser voerde geen nieuwe gronden aan tegen het voortduren en verwees naar het eerdere oordeel van de rechtbank. De rechtbank zag ambtshalve geen reden om de voortzetting van de bewaring onrechtmatig te achten tot het sluiten van het onderzoek op 30 april 2025.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.