Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], V-nummer: [nummer], eiser
Procesverloop
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
Knowing participation’
Rechtbank Den Haag
Eiser, een voormalige Syrische politieagent en chauffeur, vroeg asiel aan in Nederland vanwege vrees voor vervolging in Syrië. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond op grond van artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag, omdat eiser persoonlijk betrokken was bij marteling en zware mishandeling van burgers, en signaleerde hem voor tien jaar in het Schengeninformatiesysteem (SIS).
De rechtbank toetste of verweerder terecht eerst de uitsluitingsclausule van artikel 1(F) toepaste zonder voorafgaand vluchtelingschap te beoordelen en oordeelde dat dit niet in strijd is met het verdrag. Verweerder had een volledig en zorgvuldig onderzoek gedaan naar eisers persoonlijke betrokkenheid, waarbij eiser wist van en faciliteerde de martelingen. Het beroep van eiser dat hij geen persoonlijke verantwoordelijkheid draagt, werd verworpen.
Ook het beroep tegen de SIS-signalering faalde, omdat verweerder voldoende had gemotiveerd dat eiser een actuele, werkelijke en ernstige bedreiging vormt voor de openbare orde. Eiser toonde geen berouw en bagatelliseerde zijn aandeel, waardoor het risico op maatschappelijke onrust blijft bestaan. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek tot vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag en de SIS-signalering wordt ongegrond verklaard.