ECLI:NL:RBDHA:2025:6521
Rechtbank Den Haag
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over asielaanvraag en refoulementrisico Turkmenistan
Eiser, een Turkmeense asielzoeker, diende een asielaanvraag in na vlucht uit Turkmenistan en gewond te zijn geraakt in Oekraïne. Verweerder wees de aanvraag af wegens onvoldoende aannemelijkheid van vervolgingsgevaar.
De rechtbank beoordeelt dat de beroepsgronden van eiser niet kwalificeren als inhoudelijke gronden en wijst deze af. Desalniettemin is de rechtbank verplicht ambtshalve het refoulementrisico te toetsen, ook zonder expliciete beroepsgronden.
De rechtbank constateert dat verweerder onvoldoende aandacht heeft besteed aan de Oezbeekse nationaliteit en etniciteit van eiser, die mogelijk relevant zijn voor het vluchtelingenrisico. Daarom krijgt verweerder de gelegenheid binnen vier weken een aanvullend standpunt in te nemen, waarna eiser kan reageren.
De verdere beslissing wordt aangehouden tot de einduitspraak. Deze tussenuitspraak is gedaan door rechter S. van Lokven en griffier F.A.E. van de Venne op 17 april 2025.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en stelt verweerder in de gelegenheid om binnen vier weken een aanvullend standpunt in te nemen over de Oezbeekse nationaliteit en etniciteit van eiser.