ECLI:NL:RBDHA:2025:553
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling asielaanvraag
Eiser diende op 2 januari 2024 een asielaanvraag in. De reguliere beslistermijn van zes maanden zou op 2 juli 2024 aflopen. Verweerder verlengde deze termijn met negen maanden op grond van de WBV 2023/26, waardoor de termijn tot 2 april 2025 liep.
Eiser stuurde op 5 juli 2024 een ingebrekestelling, maar de rechtbank oordeelde dat deze te vroeg was omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken. De rechtbank volgde eerdere uitspraken waarin de verlenging als rechtsgeldig werd erkend.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep van eiser tegen het uitblijven van een besluit kennelijk niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.