ECLI:NL:RBDHA:2025:489
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een referent. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is, aangezien de beslistermijn van 90 dagen plus een verlenging van drie maanden is overschreden zonder besluit.
De rechtbank legt op grond van de Algemene wet bestuursrecht een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met de mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd voor het overschrijden van deze termijn.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van de reeds verbeurde dwangsommen van €1.442, de proceskosten van €453,50 en de vergoeding van het griffierecht van €187. De uitspraak wordt gedaan door rechter S.E. van de Merbel en griffier E.C. Jacobs en openbaar gemaakt op www.rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen en een dwangsom opgelegd.