ECLI:NL:RBDHA:2025:4435
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op aanvragen om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf voor zijn ouders en gezinshereniging voor zijn broer en zussen. De rechtbank oordeelt dat verweerder de beslistermijn, die uiterlijk op 13 oktober 2023 liep, heeft overschreden zonder een besluit te nemen.
De rechtbank stelt vast dat het beroep tijdig is ingediend na een rechtsgeldige ingebrekestelling. Gezien de bijzondere omstandigheden rond aanvragen gezinshereniging bij houders van een asielvergunning, legt de rechtbank een termijn van acht weken op voor het nemen van een besluit, met de mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 en tot vergoeding van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442. Daarnaast worden de proceskosten van €453,50 en het griffierecht van €194 aan eiser toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos op 19 maart 2025.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen acht weken een besluit te nemen onder oplegging van dwangsommen.