ECLI:NL:RBDHA:2025:4411
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis gezinsleden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor zijn echtgenote en vier kinderen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit en dat het beroep tijdig is ingesteld na een ingebrekestelling.
De beslistermijn van verweerder was uiterlijk 16 december 2024, maar er is geen besluit genomen. De rechtbank stelt vast dat sprake is van een bijzonder geval bij aanvragen om gezinshereniging van houders van een asielvergunning en legt daarom een langere beslistermijn op. Verweerder moet binnen acht weken na verzending van deze uitspraak beslissen, tenzij nader onderzoek wordt aangekondigd, dan geldt een termijn van twintig weken.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €15.000 en stelt vast dat verweerder reeds €1.442 aan dwangsommen heeft verbeurd. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en vergoedt hij het griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten.