ECLI:NL:RBDHA:2025:27614
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Duitsland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank oordeelt dat het terugnameverzoek van Nederland aan Duitsland geldig is en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Duitsland kan worden toegepast. De vrees van eiser voor eerwraak en zijn persoonlijke omstandigheden zijn weliswaar betrokken, maar vormen geen reden om af te wijken van de overdracht.
Verder is vastgesteld dat eiser geen bijzondere omstandigheden heeft aangetoond die toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening rechtvaardigen, ondanks zijn relatie met een partner in Nederland. Daarom blijft het besluit in stand en kan eiser worden overgedragen aan Duitsland. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en eiser kan worden overgedragen aan Duitsland.