Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser (gemachtigde: mr. P.A.J. Mulders),
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. J.G.R. Becker).
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Het asielrelaas
Lidmaatschap HDP
Ik ben geen lid van welke organisatie” (pagina 6) en “
De meeste dorpelingen zijn voor de PKK. Zij weten dat ik geen aanhanger ben van de PKK en of Erdogan, of van wie dan ook. Ik ben iemand die onafhankelijk is” (pagina 12). Daarentegen heeft eiser tijdens het gehoor opvolgende aanvraag van 21 april 2022 verklaard sinds 2015 lid te zijn van de HDP (pagina 15) en heeft hij een lidmaatschapsverklaring overgelegd. Deze lidmaatschapsverklaring is onderzocht door Bureau Documenten. Uit de verklaring van onderzoek is gebleken dat er geen uitspraak kan worden gedaan over de echtheid, opmaak en afgifte van het document en kan niet worden vastgesteld of het document inhoudelijk juist is. Ook komt de inhoud van de lidmaatschapsbrief niet overeen met de eigen verklaringen van eiser. In de brief staat namelijk dat eiser sinds 15 augustus 2015 officieel medewerker is van en actief werkzaam is voor de HDP, terwijl eiser tijdens het gehoor opvolgende aanvraag heeft verklaard dat hij niet heeft deelgenomen aan grote activiteiten omdat hij ziek was en niet veel kon doen (pagina 15). Voor wat betreft de verklaring die is afgegeven door DemNed, heeft de minister terecht opgemerkt dat dit een organisatie is die is gevestigd in Nederland, die niet kan aantonen dat eiser lid is geweest van de HDP. Ook de brief van DemNed van 23 juni 2025 is onvoldoende om het gestelde HDP-lidmaatschap van eiser aannemelijk te achten. Tegen de achtergrond van eisers verklaringen uit 2019 dat hij in Turkije geen lid was van enige organisatie, legt de verklaring van DemNed onvoldoende gewicht in de schaal om niettemin aannemelijk te vinden dat eiser lid was van de HDP.
Lidmaatschap DemNed en demonstraties
Het is onmogelijk om je activiteiten te willen voortzetten in Turkije. Ik voel me ook niet sterk genoeg meer om politieke activiteiten aan te gaan” (pagina 13). Ook de stelling van eiser dat hij in het verleden reeds is blootgesteld aan vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag of ernstige schade, volgt de rechtbank niet. Het voorval met de Turkse autoriteiten waarbij eiser zou zijn opgepakt en gemarteld zou namelijk tweeëntwintig of drieëntwintig jaar geleden hebben plaatsgevonden. Daarnaast heeft eiser zelf verklaard dat deze arrestatie geen reden is voor zijn asielaanvraag (nader gehoor van 20 mei 2019, pagina 4).