ECLI:NL:RBDHA:2025:26865
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking exploitatie- en alcoholvergunning horeca
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de burgemeester van Den Haag om haar exploitatie- en alcoholvergunningen in te trekken vanwege overtredingen van aanvullende voorschriften die illegaal gokken in haar horeca-inrichting moeten voorkomen.
De voorzieningenrechter overweegt dat uit controles blijkt dat verzoekster de voorschriften heeft overtreden, onder meer door het spelen van kaartspellen in een achterruimte die niet zichtbaar is vanaf de openbare weg. Ondanks een eerdere waarschuwing zijn de overtredingen herhaald, wat de intrekking van de vergunningen rechtvaardigt.
Verzoekster stelde dat het besluit niet proportioneel is en dat zij niet tijdig op de hoogte was gesteld van de voorschriften, maar deze argumenten werden verworpen. De voorzieningenrechter concludeert dat verweerder in redelijkheid tot intrekking heeft kunnen besluiten en dat het verzoek om een voorlopige voorziening daarom wordt afgewezen.
De uitspraak is een voorlopige beslissing en bindt niet in een eventueel bodemgeding. Verzoekster kan nog bezwaar maken tegen het besluit en eventueel schade verhalen als het besluit onrechtmatig blijkt.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af en bevestigt de intrekking van de vergunningen.