ECLI:NL:RBDHA:2025:263
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen plaatsingsbesluit en vrijheidsbeperkende maatregel COA
Eiser, een Syrische vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) om hem te plaatsen in een Handhavings- en Toezichtlocatie (HTL) en tegen de vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd door de minister van Asiel en Migratie.
De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde. Op verzoek van de rechtbank heeft de gemachtigde bevestigd geen contact meer te hebben met eiser. Eiser was niet aanwezig op de zitting.
Op grond van vaste rechtspraak wordt aangenomen dat een vreemdeling die zonder mededeling vertrekt geen prijs meer stelt op de bescherming in Nederland, tenzij anders blijkt uit contact met de gemachtigde. De rechtbank concludeert dat het procesbelang is komen te vervallen.
Daarom verklaart de rechtbank de beroepen niet-ontvankelijk en ziet af van inhoudelijke beoordeling van de besluiten en beroepsgronden. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Tegen het besluit over het plaatsingsbesluit kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, tegen de vrijheidsbeperkende maatregel staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang.