ECLI:NL:RBDHA:2025:25596
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel in vreemdelingenrecht
Bij besluit van 28 november 2025 is aan eiser een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om schadevergoeding. Verweerder diende een kennisgeving in die gelijkgesteld werd met een tweede beroep.
De rechtbank oordeelt dat de maatregel terecht is opgelegd vanwege het grensbewakingsbelang en dat de medische klachten van eiser geen aanleiding geven tot toepassing van een lichter middel. Het Justitieel Complex Schiphol wordt als gespecialiseerde bewaringsaccommodatie aangemerkt. De rechtbank stelt vast dat de asielaanvraag binnen de grensprocedure is behandeld en ongegrond is verklaard binnen de wettelijke termijn.
De rechtbank verklaart het eerste beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Het tweede beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het belang ontbreekt. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.