ECLI:NL:RBDHA:2025:24859
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf op basis van familie- en gezinsleven
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De aanvraag werd afgewezen door de minister van Asiel en Migratie op 4 juli 2024, en het bezwaar van eiseres werd op 27 juni 2025 eveneens afgewezen. De rechtbank heeft het beroep op 27 november 2025 behandeld, waarbij de gemachtigde van eiseres, de referente en een tolk aanwezig waren. Eiseres, geboren in 1958 met de Syrische nationaliteit, heeft een aanvraag ingediend voor een mvv om bij haar dochter, referente, te kunnen verblijven. Referente, geboren in 1987, heeft medische problemen door een gasaanval in Syrië en heeft 24-uurszorg nodig. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van familie- of gezinsleven in de zin van artikel 8 van het EVRM, omdat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat er bijkomende elementen van afhankelijkheid zijn. De rechtbank concludeert dat verweerder de aanvraag op goede gronden heeft afgewezen, en dat het beroep van eiseres ongegrond is. Eiseres krijgt geen griffierecht terug en ook geen vergoeding van proceskosten.