Eisers, mede-eigenaren van een woning die onder de opkoopbescherming valt, kregen bestuurlijke boetes opgelegd wegens het in gebruik geven van de woning binnen vier jaar na levering, wat verboden is volgens de Huisvestingswet en Huisvestingsverordening.
Eisers betwistten verhuur en stelden dat zij slechts tijdelijk een vriendendienst verleenden en niet op de hoogte waren van de regelgeving. De rechtbank oordeelt echter dat het enkele in gebruik geven al een overtreding vormt en dat onwetendheid niet vrijwaart van aansprakelijkheid.
De boetes werden gematigd van €10.000 naar €5.000 per persoon omdat eisers mede-eigenaren zijn. De rechtbank vindt dat verdere matiging niet gerechtvaardigd is omdat eisers onvoldoende aannemelijk maakten dat de boetes onevenredige financiële gevolgen hebben.
Wel is de redelijke termijn voor het opleggen van de boetes met vijf maanden overschreden, waardoor de rechtbank de boetes verder matigt tot €4.750 per persoon. Tevens worden proceskosten en griffierecht aan eisers vergoed.