ECLI:NL:RBDHA:2025:24144

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 december 2025
Publicatiedatum
17 december 2025
Zaaknummer
C/09/25/1108 R
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) met toepassing van de hardheidsclausule

In deze zaak heeft de rechtbank Den Haag op 15 december 2025 uitspraak gedaan over het verzoek van een verzoekster om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De verzoekster bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft verzocht om toelating tot de WSNP. De rechtbank heeft het verzoek toegewezen, waarbij zij de omstandigheden van de verzoekster in overweging heeft genomen. De verzoekster heeft een stabiele financiële situatie weten te creëren en werkt fulltime, wat heeft bijgedragen aan de beslissing van de rechtbank. De rechtbank heeft ook de hardheidsclausule toegepast, omdat er vraagtekens waren bij de goede trouw van de verzoekster met betrekking tot enkele schulden. De rechtbank heeft vastgesteld dat de verzoekster aan de voorwaarden voor toelating tot de WSNP voldoet en heeft de termijn van de regeling vastgesteld op achttien maanden, te rekenen vanaf de datum van de uitspraak. Tevens zijn er verplichtingen opgelegd aan de verzoekster tijdens de WSNP, waaronder een informatieverplichting en een afdrachtverplichting. De rechtbank heeft de bewindvoerder benoemd en de verzoekster geïnformeerd over de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan als zij het niet eens is met de uitspraak.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANKDEN HAAG
Team Insolventies
insolventienummer: C/09/25/1108 R
vonnis van 15 december 2025
op het verzoek van:
[verzoekster]
geboren op [geboortedatum] 1992 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] .
Waar deze zaak over gaat
[verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft zij een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1.De procedure

1.1.
[verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.
1.2.
Het verzoek is behandeld op de zitting van 15 december 2025. Met de uitnodiging voor deze zitting is aan [verzoekster] een WSNP-informatieboekje meegezonden. Op de zitting verschenen:
- [verzoekster] ,
- [naam] , beschermingsbewindvoerder.

2.De beoordeling van het verzoek

Toelating tot de WSNP

2.1.
[verzoekster] kan alleen worden toegelaten tot de WSNP als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat [verzoekster] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen. Daarnaast beoordeelt de rechtbank of er aanleiding is een eerdere ingangsdatum van de WSNP te bepalen.
Hardheidsclausule
2.2.
De rechtbank onderkent dat bij enkele schulden vraagtekens kunnen worden geplaatst bij de goede trouw van [verzoekster] ten aanzien van het ontstaan van die schulden. Dit geldt met name voor de schulden bij het CJIB. Gelet op de toelichting die [verzoekster] hierover ter zitting heeft gegeven is de rechtbank van oordeel dat [verzoekster] de omstandigheden die (mede) bepalend zijn geweest voor het ontstaan van haar schulden in voldoende mate onder controle heeft gekregen. [verzoekster] heeft geen auto meer op naam, zodat daardoor geen boetes meer kunnen ontstaan. Ook is sinds de wijziging van de beschermingsbewindvoerder per 4 mei 2023 sprake van een stabiele financiële situatie en werkt [verzoekster] inmiddels ruim een jaar fulltime. De rechtbank zal [verzoekster] met toepassing van de hardheidsclausule toelaten tot de WSNP.
2.3.
De verplichtingen waaraan [verzoekster] tijdens de WSNP moet voldoen staan in het WSNP-informatieboekje beschreven. Samengevat komt dit neer op: een informatieverplichting, een inspanningsverplichting, een verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan en een afdrachtverplichting.
2.4.
De wet schrijft voor dat de eerste dertien maanden van het traject een postblokkade geldt. Gedurende deze periode zal alle post naar de bewindvoerder gaan. De bewindvoerder stuurt de post na controle weer door aan [verzoekster] .
2.5.
Het WSNP-traject duurt in principe achttien maanden. Als [verzoekster] zich gedurende die periode houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject na verloop van die achttien maanden met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op [verzoekster] kunnen verhalen.
Ingangsdatum termijn van de WSNP
2.6.
Een termijn van een wettelijke schuldsaneringsregeling kan ook beginnen te lopen vanaf de dag waarop de eerste aflossing is gedaan in het kader van de buitengerechtelijke schuldregeling als bedoeld in artikel 285, eerste lid, onder f Fw. Het moet gaan om een eerste aflossing tijdens ‘het minnelijk traject van schuldhulpverlening’ (HR 20 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1913). Vanaf dat moment moet de schuldenaar maximaal aflossen op zijn schulden. Daarnaast moet hij zich in de verzochte periode maximaal inspannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven.
2.7.
De termijn van de schuldsaneringsregeling gaat, zoals verzocht, in op de dag van deze uitspraak.

3.De beslissing

De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoekster] ,
geboren op [geboortedatum] 1992 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] , [postcode] te [woonplaats] ,
- stelt de termijn van deze regeling vast op achttien maanden, te rekenen vanaf vandaag;
- stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen;
- benoemt tot rechter-commissaris mr. N.E.M. de Coninck en tot bewindvoerder:
M.A.T. Noordzij (Noordzij Bewindvoerders),
Postbus 144,
2260 AC Leidschendam;
- geeft de bewindvoerder opdracht om de komende dertien maanden de post van [verzoekster] in te zien;
- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen:
o zolang de schuldsaneringsregeling loopt en
o voor zover de boedel toereikend is.
Dit is de beslissing van mr. N.E.M. de Coninck, rechter, in samenwerking met C.R. Cortenbach-van der Lek, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 15 december 2025.
Wat kunt u doen als u het niet eens bent met de eerdere ingangsdatum?
Mocht uw verzoek om een eerdere ingangsdatum niet of niet volledig zijn toegewezen, dan kunt u gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak hoger beroep instellen. Dat kan door een advocaat een verzoekschrift in te laten dienen bij de griffie van het gerechtshof in Den Haag.