ECLI:NL:RBDHA:2025:23793
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot oplegging dwangakkoord wegens onvoldoende maximaal haalbaar bod
Verzoekster verkeert in een problematische schuldensituatie met een totale schuldenlast van €84.523,32 verdeeld over dertig schuldeisers. Zij heeft een schuldregeling voorgesteld waarbij schuldeisers hun vorderingen volledig kwijtschelden, maar niet alle schuldeisers gingen hiermee akkoord. Verzoekster vroeg de rechtbank om een dwangakkoord op te leggen zodat schuldeisers gedwongen worden het akkoord te accepteren.
De rechtbank stelde vast dat de schuldbemiddeling door een bevoegde instantie, de gemeente Den Haag, was uitgevoerd. Bij de belangenafweging oordeelde de rechtbank echter dat het voorstel niet het maximaal haalbare bod is, mede omdat verzoekster een uitkering ontvangt, niet aantoonbaar heeft gesolliciteerd en niet arbeidsongeschikt is verklaard. Hierdoor acht de rechtbank het onredelijk om schuldeisers te dwingen in te stemmen met het voorstel.
De rechtbank concludeert dat de schuldeisers die weigeren het nulaanbod te accepteren, dit in redelijkheid kunnen doen en wijst het verzoek tot dwangakkoord af. Het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) wordt in een apart vonnis behandeld.
Uitkomst: Het verzoek tot oplegging van een dwangakkoord wordt afgewezen omdat het bod niet het maximaal haalbare is.