ECLI:NL:RBDHA:2025:23466
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- R. Tesfai
- H. Hanssen - Telman
- M. Munsterman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Syriër wegens onvoldoende persoonlijk risico op vervolging en willekeurig geweld
Eiser, een Syrische Koerd, vroeg asiel aan wegens de onveilige situatie in Syrië en zijn medische kwetsbaarheid. De minister wees de aanvraag af omdat geen concreet persoonlijk risico op vervolging of willekeurig geweld was aangetoond. De rechtbank oordeelt dat het behoren tot de Koerdische bevolkingsgroep op zichzelf onvoldoende is voor vluchtelingenstatus en dat de medische situatie geen verhoogd risico op ernstige schade oplevert.
De rechtbank erkent een motiveringsgebrek in het bestreden besluit met betrekking tot de beoordeling van humanitaire omstandigheden in het kader van artikel 15c van de Kwalificatierichtlijn. Dit gebrek is echter hersteld in het verweerschrift, waardoor de rechtsgevolgen van het besluit in stand kunnen blijven.
De rechtbank concludeert dat het ambtsbericht van mei 2025 betrouwbaar is en dat de veiligheidssituatie in Syrië, inclusief de regio Afrin, is gestabiliseerd met een relatief laag niveau van willekeurig geweld. Eiser heeft onvoldoende concreet onderbouwd dat hij persoonlijk een verhoogd risico loopt.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven gehandhaafd. De minister wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser. Eiser kan binnen een week hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; minister betaalt proceskosten.